HOOFDINDEX
ONDERWERP VAN ONDERZOEK - DOEL VAN HET ONDERZOEK - AANPAK VAN HET ONDERZOEK -
VOEDINGSBESTANDDELEN
VITAMINEN - AMINOZUREN - MINERALEN - OVERIGE TOEVOEGINGEN
| Naar boven - Naar hoofdindex |
Onderwerp is het basisvoer (compleet voer of premiumvoer) voor chinchilla’s, zowel de gepelletteerde versie - al dan niet aangevuld met enkele andere ingrediënten - als de gemengde menu’s.
Buiten beschouwing zijn gebleven alle produkten die als een extraatje kunnen worden beschouwd, zoals knaagbollen, crackers, zakjes kruidenmix, etc.
In een vervolgonderzoek hopen wij ons echter juist op deze categorie voeding voor chinchilla’s te richten.
| Naar boven - Naar hoofdindex |
Het doel van dit onderzoek is tweeledig:
Tenslotte beogen wij met dit onderzoek eerlijke en onafhankelijke informatie te verstrekken aan een ieder die persoonlijk of beroepsmatig betrokken is bij het welzijn van chinchilla’s.
![]()
Een produkt trachten te vinden of eventueel samen te (laten) stellen, dat voldoet aan alle specifieke ‘eisen,’ die volgens de huidige inzichten van betrokkenen / belanghebbenden (wetenschappers, voedingsdeskundigen, fokkers en ervaringsdeskundigen) aan het chinchillamenu dienen te worden gesteld, teneinde een goede gezondheid (foto) van deze exoot te kunnen garanderen en/of optimaliseren.
Een basis te leggen voor een vervolgonderzoek naar de eventuele relatie tussen voeding en consumptie enerzijds en een scala aan fysieke symptomen bij chinchilla’s anderzijds.
Hierbij moet o.a. worden gedacht aan darmstoornissen, zowel de primaire symptomen (diarree en obstipatie) als de secundaire symptomen (obstructie en invaginatie). Onze aandacht zal echter in het bijzonder zijn gericht op de door Vida Nueva veronderstelde relatie met gebitsproblemen, zoals malocclusie en haken.
| Naar boven - Naar hoofdindex |
Voor het vergelijken van de diverse produkten, is o.a. gebruik gemaakt van de ingrediëntendeclaratie en analyse van ieder produkt. De gehalten, vermeld op de produktanalyses die wij van diverse diervoederfabrikanten hebben ontvangen, blijken echter in de praktijk niet altijd exact overeen te komen met de gegeven waarden op de verpakking van hun produkt. Daarnaast zijn er fabrikanten die niet, of slechts ten dele, op onze oproep hebben gereageerd.
Dit heeft ons onderzoek enigszins bemoeilijkt, omdat wij het in die gevallen hebben moeten doen met de (beperkte) analyses op de verpakking van het produkt.
Ook het voer als zodanig is bekeken. Hierbij is o.a. gelet op de ‘hanteerbaarheid’ ervan door chinchilla’s. Vorm, structuur en afmeting blijken, evenals de geur, een niet onbelangrijke rol te spelen bij de consumptie. Bij het gepelletteerde voer is tevens aandacht geschonken aan de hardheid van de pellet. Hoe zachter of breekbaarder namelijk de pellet, des te minder heeft het gebit te doen en des te groter is de kans op het ontstaan van gebitsafwijkingen.
Om u als consument een idee te geven waarop wij bij de beoordeling hebben gelet, geven wij u onderstaand een overzicht van de meest voorkomende voedingsbestanddelen, vitaminen, aminozuren, mineralen en de overige toevoegingen in chinchillavoeding. Functies en eigenschappen zullen in het kort worden besproken.
| Naar boven - Naar hoofdindex |
Voedingsbestandelen zijn niet toegevoegde, voedingseigen stoffen.
We onderscheiden:
Koolhydraten:
![]()
Verzamelnaam voor zetmeel en suikers.
Zetmeel zit o.a. in peulvruchten, aardappelen en volle granen.
Suikers kunnen worden onderscheiden in glucose, fructose (vruchtensuiker), lactose (melksuiker) en saccharose (gewoonlijk als suiker aangeduid).
Koolhydraten spelen een belangrijke rol bij de energievoorziening van het lichaam.Ruwe celstof:
![]()
Alle vezelstoffen die voorkomen in plantaardige voedingmiddelen.
Ook bepaalde stoffen die voorkomen in de celwand van planten worden als vezels beschouwd.
We onderscheiden:
Onoplosbare vezels (gommen, inuline, enkele hemicellulosen, pectine en oligofructose)
Ruwe celstof is dat gedeelte van de voeding (het voer) dat door het lichaam niet wordt verteerd. Het gehalte wordt bepaald door het voer met zwavelzuur te koken (= nabootsing van het verteringsproces in het lichaam). Wat overblijft is de ruwe celstof.
Onoplosbare vezels (cellulose, sommige hemicellulosen en lignine).
Ruw eiwit (proteïne): Eiwitten zijn grote moleculen, opgebouwd uit vele soorten aminozuren.
Voor de bepaling van het (ruw) eiwitgehalte gaat men er van uit dat eiwitten gemiddeld 60% stikstof bevatten. Door bepaling van het stikstofgehalte van het voer kan men vervolgens het (ruw) eiwitgehalte berekenen door vermenigvuldiging met de factor 6.25.
Eiwitten zijn de voornaamste bouwstoffen voor lichaamsweefsel. Ze zijn o.a. noodzakelijk voor een goede spierFunctie en voor allerlei processen in het lichaam die te maken hebben met de vochthuishouding. Daarnaast zijn ze betrokken bij de vorming van bepaalde hormonen en antistoffen.Ruw vet:
![]()
Het gehalte aan ruw vet wordt bepaald door extractie van het voer met ether. Het vet lost hierin op. Door de ether daarna (door destillatie) te verwijderen, kan het gehalte aan vet worden bepaald.
We onderscheiden verzadigde en onverzadigde vetten.
Verzadigde vetten zitten voornamelijk in produkten van dierlijke oorsprong.
Onverzadigde vetten worden vooral aangetroffen in produkten van plantaardige origine.
Vetten zijn o.a. nodig om de vetoplosbare vitaminen, zoals A, D, E en K, op te nemen.Vocht: Het vochtgehalte wordt bepaald door het voer in een droogstoof bij een temperatuur van rond de 100 graden C te verwarmen tot een constant gewicht is verkregen.
Het gewicht voor het drogen minus het gewicht na het drogen, geeft de hoeveelheid water (vocht) aan die het voer bevat.Ruwe as: Het gehalte aan anorganische stoffen (as) wordt bepaald door het gedroogde produkt in een moffeloven te verbranden.
Hierin worden de organische stoffen (koolstof- verbindingen) verbrand.
De anorganische stoffen (zand en mineralen) blijven over.
| Naar boven - Naar hoofdindex |
Vitaminen (vita = leven en amine = een organisch chemische stikstofverbinding) zijn stoffen die in geringe hoeveelheden in voeding voorkomen en voor het leven onmisbaar zijn.
Het zijn voedingscomponenten die - in tegenstelling tot voedingsstoffen (koolhydraten, vetten en eiwitten) - geen energie leveren, maar die wel essentieel zijn voor een goed metabolisme (stofwisseling).
Het lichaam zelf kan vitaminen slechts ten dele aanmaken, zoals B-vitaminen. De meeste vitaminen moeten dus uit de voeding worden gehaald.
We onderscheiden vetoplosbare en wateroplosbare vitaminen.
De volgende vitaminen zijn door ons in analyses van chinchillavoer aangetroffen:
A
(Retinol):
![]()
Vetoplosbare vitamine die alleen wordt aangetroffen in voeding van dierlijke oorsprong, zoals lever, visolie, palmolie, margarine en eidooier.
Retinol wordt vermoedelijk door oxidatieve splitsing van carotine in de dunne darm gevormd.
Functie/eigenschappen: antioxidant. Beschermende werking t.o.v. epitheel. (Epitheel scheidt het interne milieu van het externe milieu en komt voor in huid, tong, slokdarm, etc.) Essentieel voor de vorming van bloedcapillair. Draagt bij tot de voedselvoorziening van alle organen.Beta-Caroteen
of Provitamine A:
![]()
In tegenstelling tot het vetoplosbare Retinol, dat alleen wordt aangetroffen in voeding van dierlijke oorsprong, komt Caroteen uitsluitend voor in voeding van plantaardige oorsprong, zoals groene bladgroenten, gele en oranje vruchten en wortels. Het is een wateroplosbare vitamine en voorprodukt van vitamine A.
Functie/eigenschappen: stimuleert de groei en de huidcelFunctie, verbetert het gezichtsvermogen, bestrijdt infekties en houdt de slijmvliezen gezond.B1
(Thiamine):
![]()
Wateroplosbare, zwavelhoudende vitamine.
Komt van nature o.a. voor in gist, graankiemen, erwten, bonen, noten, vlees en eidooier.
Functie/eigenschappen: regelt in het bijzonder de afbraak van koolhydraten, waarbij energie wordt verkregen. Reguleert voorts de hart- en schildklierFunctie, het zenuwstelsel en de spijsvertering. Stimuleert de aanmaak van rode bloedcellen en bevordert de groei.B2 (Riboflavine): Wateroplosbare vitamine. Komt van nature o.a. voor in, zuivelprodukten, groenten, noten, volle graanprodukten en eidooiers.
Functie/eigenschappen: helpt bij de stofwisseling van vetten, eiwitten en koolhydraten. Bevordert de Functie van het voortplantingsmechanisme.B3
(Niacine):Wateroplosbare vitamine die tevens als antioxidant wordt beschouwd.
Komt van nature voor in melk, kaas, vlees, vis, volkoren graan, zilvervliesrijst en cashewnoten.
Functie/eigenschappen: geeft cellulaire energie en is van belang bij metabolisme van eiwit, koolhydraten en vet. Houdt huid en vacht gezond en draagt bij aan de groei en een goede ontwikkeling van de botten. Herstelt beschadigd spierweefsel.B5
(Pantotheenzuur):
![]()
Wateroplosbare vitamine. Komt van nature o.a. voor in volle granen, tarwekiemen, zilvervliesrijst, groene groenten, paddestoelen, orgaanvlees en en eidooiers.
Functie/eigenschappen: zet voedingsenergie om in bio-energie en reguleert zowel de psychische als de fysieke weerstand. Herstelt lichaamsweefsel.
Betrokken bij de opbouw van eiwitten, koolhydraten, vetten en hormonen.
Effektief bij artritis.B6
(Pyridoxine):
![]()
Wateroplosbare vitamine.Komt van nature o.a. voor in volle granen, noten, groenten, bananen, eidooier, vlees en vis.
Functie/eigenschappen: stimuleert de Functie van het oestrogeen.Natuurlijk diureticum (urine drijvend middel). Voorts van belang bij de omzetting van aminozuren in hormonen en voor het koolhydraat- en eiwitmetabolisme.
Zorgt in samenwerking met foliumzuur en vitamine B12, voor de opname van ijzer en de vorming van rode bloedcellen.B8
(Biotine):
![]()
Wateroplosbare vitamine. Ook wel vitamine H genoemd. Komt van nature voor in o.a. eidooier, melk, fruit, sojabonen, biergist, ongepelde rijst, vlees, vis en en verschillende soorten noten.
Functie/eigenschappen: bevordert de gezondheid van huid, nagels en vacht en speelt een belangrijke rol bij de instandhouding van de darmflora. Verder betrokken bij de energieproduktie en de vorming van vetzuren in het lichaam. Biotine heeft een sterk synergetische invloed op foliumzuur. De beide vitamines worden dan ook meestal gezamenlijk gebruikt.B11
(Foliumzuur):
![]()
Wateroplosbare vitamine. Komt van nature o.a. voor in bananen, donkergroene bladgroenten, tarwekiemen, linzen, rijst, noten en orgaanvlees.
Functie/eigenschappen: Participeert in de vorming van rode bloedcellen en is verder van belang bij de stofwisseling van eiwitten en vetten. Actief betrokken bij de DNA-synthese (drager van erfelijke eigenschappen). Onmisbaar voor de celdelingsprocessen van het lichaam. Versterkt het afweersysteem en bevordert de lactatie bij moederdieren. Foliumzuur stimuleert de vorming van maagzuur en is belangrijk voor een goede leverFunctie.B12
(Cobalamine):Wateroplosbare vitamine. Komt van nature voor in sojabonen, spirulina, kelp en eidooiers.
Functie/eigenschappen: bevordert de DNA-synthese en is van belang bij de rijping van rode bloedcellen. Zorgt, samen met de vitamine B6 en B11, voor de opname van ijzer door het lichaam. Stimuleert de vorming van maagzuur en versterkt het afweersysteem.C
(Ascorbinezuur) :
![]()
Wateroplosbare vitamine. Komt van nature o.a. voor in citrusvruchten, rozenbottels, alfalfa, bladgroenten, melk en lever.
Functie/eigenschappen: antioxidant. Remt ontstekingen, stimuleert het immuunsysteem, helpt bij de aanmaak van rode bloedcellen en vertraagt het verouderingsproces. Noodzakelijk voor de opname van ijzer.D3
(Calciferol):
Vetoplosbare vitamine: een van de weinige vitaminen die het lichaam (onder invloed van zonlicht) voor een deel zelf kan aanmaken. Bronnen: vis(olie), levertraan, gist, bladgroenten, zuivelprodukten en vlees.
Functie/eigenschappen: noodzakelijk voor de fosfaat- en kalkstofwisseling en de ontwikkeling van het skelet. Versterkt het immuunsysteem. Onontbeerlijk voor een goed gebit en sterke botten.E
(Tocoferol):
![]()
Vetoplosbare vitamine. Komt van nature o.a. voor in zaden, noten, sojabonen en melasse.
Functie/eigenschappen: effektieve antioxidant die de subcutane membramen beschermt tegen oxidatie. Anti-trombine. Verbetert de doorbloeding en heeft een reinigende werking op de bloedvaten. Voorkomt het ontstaan van littekenweefsel en verhoogt de weerstand. Helpt een spontane abortus voorkomen.K3
(Menadion):Vetoplosbare vitamine. Komt van nature o.a. voor in alfalfa, groene planten, bladgroenten en melasse.
Functie/eigenschappen: belangrijk bij de aanmaak van protrombine (nodig voor bloedstolling) en een goede leverfunctie. Verder betrokken bij de omzetting van koolhydraten in glycogeen.
| Naar boven - Naar hoofdindex |
Aminozuren zijn de bouwstenen van eiwitten. Het zijn organische zuren die, behalve een carboxylgroep, een aminogroep bevatten. Veel aminozuren kunnen door het lichaam zelf uit de voeding worden gemaakt (niet-essentiële aminozuren). Enkele echter, moeten met de voeding worden opgenomen, de zogenaamde essentiële aminozuren.
De volgende aminozuren zijn in chinchillavoer aangetroffen:
Cystine/cysteïne:
![]()
Cystine is een kristalachtig, zwavelhoudend aminozuur, geformeerd uit 2 moleculen cysteïne. Component van proteïne. Komt van nature voor in haar en hoorn.
Functie/eigenschappen: helpt, vooral in combinatie met vitamine B6, bij wondgenezing en ziekten van de luchtwegen.
Reguleert de toevoer van insuline naar de pancreas.Lysine: Essentieel aminozuur. Komt van nature o.a. voor in kaas, eieren, melk, vlees en limoenpitten.
Functie/eigenschappen: assisteert bij de produktie van antilichamen, hormonen en enzymen. Bevordert de opname van Calcium en daarmee de groei van de botmassa. Herstelt beschadigd weefsel.Methionine: ![]()
Essentieel aminozuur. Komt van nature voor in vlees, vis, bonen, eieren, yoghurt en uien.
Functie/eigenschappen: anti-oxidant. Helpt, vooral in samenwerking met cysteïne, bij de afbraak van vetten en de afvoer van zware metalen uit het lichaam.
| Naar boven - Naar hoofdindex |
Mineralen zijn metalen en andere anorganische stoffen die - evenals vitaminen - onontbeerlijk zijn voor het goed funktioneren van allerlei lichaamsprocessen. Zij ondersteunen o.a. de werking van bepaalde vitaminen.
Mineralen worden verdeeld in macro- en in micro elementen. Mineralen uit de eerste groep moeten dagelijks worden aangevoerd, mineralen uit de tweede groep (ook wel sporenelementen genoemd) dienen incidenteel te worden aangeleverd.
Het lichaam zelf kan geen mineralen maken. We hebben de navolgende mineralen in analyses van chinchillavoer aangetroffen:
Calcium (Ca):
![]()
Komt van nature o.a. voor in bonen, peulvruchten, melkprodukten, noten, groene bladgroenten en melasse.
Functie/eigenschappen: beïnvloedt de groei van het spierweefsel en speelt vooral een belangrijke rol bij bloedstolling, bloeddruk en hartfunctie.
Bevordert de vorming van een goed gebit en gezonde botten.Fosfor (P):
![]()
Wateroplosbaar mineraal. Komt van nature o.a. voor in volle granen, noten en eieren.
Functie/eigenschappen: noodzakelijk voor de opname van vitamine B2 en B6.
Voorkomt rachitis bij jonge dieren en osteoporose bij volwassen exemplaren.
Bevordert gezonde opbouw van gebit en botten. botten.Jodium (I):
![]()
Komt van nature voor in zeevoedsel. De belangrijkste bron is kelp (gedroogd zeewier). Verder in rozijnen en ananas.
Functie/eigenschappen: reguleert (vooral in samenwerking met vitamine E en Selenium) de schildklierfunctie. Verder van belang voor de cholesterolstofwisseling.
Beschermt tegen de schadelijke effekten van radioactief materiaal.Kobalt (Co): Komt van nature voor in verse, groene bladgroenten, melk, lever en vis.
Functie/eigenschappen: werkt samen met vitamine B12 aan de vorming van nieuwe bloedcellen en aan een gezond zenuwstelsel.Koper (Cu):
![]()
Mineraal dat van nature o.a. voor komt in volkorenprodukten, noten, peulvruchten, soja, eidooier en rozijnen.
Functie/eigenschappen: o.a. nodig voor de produktie van bijnierhormoon.
Helpt bij de opname van ijzer, aanmaak en onderhoud van botten en eiwitmetabolisme.Mangaan (Mn):
![]()
Wateroplosbaar mineraal. Komt van nature o.a. voor in granen, groene bladgroenten, wortels, ananas, peulvruchten en noten, zeewier en lever.
Functie/eigenschappen: Noodzakelijk voor de werking van enzymnen, de hersenFunctie en de botstruktuur.Regelt mede de bloedsuikerspiegel. Anti-oxidant.Natrium (Na): Na-verbindingen, zoals keukenzout, komen van nature o.a. voor in selderij en diverse groenten.
Functie/eigenschappen: belangrijk voor het osmotisch evenwicht (vermenging van vloeistoffen) in het lichaam, zuur/base evenwicht en de spiercontractie.
Houdt andere mineralen in oplossing.Seleen (Se):
![]()
Komt van oorsprong voor in zwavelhoudende ertsen, zware metalen en in enkele zeldzame mineralen. Verder in vis, uien, knoflook.
Functie/eigenschappen: sterk anti-oxidant, aktiveert de produktie van anti-lichamen, beschermt tegen carcinogenen en heeft een chelerende werking.IJzer (Fe):
![]()
Mineraal dat van nature o.a. voorkomt in bladgroenten, gedroogde vruchten, noten, volle granen, rauwe oesters, orgaanvlees en eieren.
Functie/eigenschappen: belangrijk bij de vorming van Hemoglobine (ijzerhoudende kleurstof van rode bloed- lichaampjes). Bevordert de groei en is nodig voor het zuurstoftrans- port. Versterkt het afweersysteem.Zink (Zn): Mineraal dat van nature o.a. voorkomt in zaden, sojabonen, tarwekiemen, peulvruchten, biergist, oesters, eidooier, orgaanvlees en melk.
Functie/eigenschappen: onderdeel van enzymen, immuunversterker, betrokken bij synthese van DNA.
Bevordert de vruchtbaarheid van manlijke dieren.
| Naar boven - Naar hoofdindex |
Aroma's:
![]()
Aroma’s zijn stoffen die aan het voer worden toegevoegd teneinde hieraan geur of smaak te geven. We onderscheiden natuurlijke en synthetische aroma’s.
Een algemeen voorbeeld van een natuurlijk aroma is vanilline, zoals dat o.a. voorkomt in vanillestokjes. Een voorbeeld van een synthetisch aroma is ethylvanilline. Dit heeft vrijwel hetzelfde aroma als vanilline, maar is zuiver synthetisch en is in de natuur nog niet aangetroffen.
In diervoeding wordt voornamelijk gebruik gemaakt van natuurlijke stoffen.Kleurstoffen:
![]()
Kleurstoffen zijn stoffen die kleur geven of kleur teruggeven (na bewerking) aan het voer. Ze worden toegevoegd om het voer een (voor de mens?) aantrekkelijke kleur te geven. Verreweg de meeste kleurstoffen zijn natuurlijke stoffen.
Kleurstoffen toegevoegd aan chinchillavoer, worden in de regel niet nader gespecificeerd. Wel geeft de fabrikant in enkele gevallen aan, dat het zou gaan om door de E.E.G. goedgekeurde kleurstoffen. Wij hebben geen reden om aan deze bewering te twijfelen.Conserveermiddelen: Dit zijn stoffen die de houdbaarheid van het voer vergroten door het te beschermen tegen bederf door micro-organismen. Anti-oxidanten:
![]()
Dit zijn stoffen die de houdbaarheid van het voer vergroten door het te beschermen tegen bederf door oxidatie. Vooral DNA, eiwitten en onverzadigde vetzuren in celwanden zijn gevoelig voor aantasting door vrije radicalen, die kunnen worden weggevangen door anti-oxidanten.
We onderscheiden:
Anti-oxidanten die van nature in voedingsmiddelen voorkomen (bèta-caroteen, vitamine C, vitamine E en het mineraal Selenium).
Anti-oxidanten die door de voedingsmiddelenindustrie aan produken worden toegevoegd. Toepassingen o.a. bij margarine en halvarine (kleurstof bèta-caroteen)
Anti-oxidanten als voedingssupplement.
Andere belangrijke anti-oxidanten zijn:
Flavonoïden (vitamine-achtige stoffen)
Fenolen (remmen de vorming van carcinogen)
Glucosinolaten
Tot zover de inleiding m.b.t. ons onderzoek. Het onderzoek zelf (een vergelijking van deprodukten) en de uitkomsten ervan worden op onze website gepubliceerd zodra deze voor publicatie gereed zijn.
Nog even geduld a.u.b.
Bent u blij met deze informatie? Zou u deze info eigenlijk wel willen gebruiken, c.q. willen doorgeven aan anderen? Neemt u dan vooral even contact met ons op, zodat wij u suggesties aan de hand kunnen doen m.b.t. eventuele bronvermelding en/of het geven van een (diep)link.
Het zondermeer overnemen – al dan niet in eigen bewoordingen - van gevonden informatie is namelijk niet alleen onsportief, maar vooral oneerlijk.
Plagiaat – inclusief alle slimme varianten daarop - zal dan ook onder alle omstandigheden door ons worden aangepakt.